Welkom
in Hurdegaryp
Hurdegaryp
heeft niet altijd op de plaats gelegen waar het tegenwoordig
ligt. De naam Hurdegaryp zou volgens de Encyclopedie van
Friesland kunnen betekenen: de harde streek (gea) op smalle
landstrook, in het Latijn: ripa en in het Frans: rive.
Die landstrook bevond zich aan de Zomerweg ten zuiden
van het tegenwoordige dorp. De Zomerweg was een deel van
de verbindingsweg tussen Leeuwarden en Groningen.
Daar waar nu het ijsbaancomplex "It Koopmans-boskje"
is gesitueerd, stond ook de dertiendeeeuwse uit kloostermoppen
opgetrokken kerk met zadeldak.
De straatnaam Preesterlânswei is nog het enigste
wat herinnert aan de landerijen van de kerk uit die tijd.
In de loop van de zeventiende en achttiende eeuw verplaatste
de dorpskom zich naar het noorden en in 1711 werd een
begin gemaakt met de bouw van de tegenwoordige kerk aan
de Rijksstraatweg. Een aantal grafzerken uit de oude kerk
werden in de toegangsruimte van de nieuwe kerk in de binnenmuur
gemetseld.
De bevolking van Hurdegaryp was voor het overgrote deel
agrarisch gericht. Het dorp heeft echter zijn vooruitgang
vooral te danken aan de (laag)veenderijen eromheen. De
naam "Burgerveenstervaart" herinnert nog aan
die tijd van de uitveende rij. In de "Wandelingen
van mijnen oud-oom den opzigter" - in 1841 door M.
de Haan-Hettema uitgegeven bij W. Eekhof te Leeuwarden
- wordt Hurdegaryp beschreven als:
"Een vrij lange streek huizen met kerk in het midden"
en lopend over het "Slagtepad" constateert de
schrijver: "Dit smalle voetpad aan weerskanten door
eene sloot afgescheiden van het met poelen en moerassen
doorsneden rietveld bood niets ter beschouwing aan."
In 1830 werd de "Zwarteweg" die van 1528 tot
1531 was aangelegd doorgetrokken als rijksweg naar Groningen.
Deze "Grinzer Strjitwei" ook wel "Grutte
Strjitwei" genoemd, heeft Hurdegaryp gemaakt wat
het nu is, zowel in positieve als negatieve zin.
bron: plaatselijke website.
|