Someren-Eind is een dorp van ongeveer 3500 inwoners dat behoort
tot de gemeente Someren. Door lintbebouwing is het verbonden met het
dorp Someren.
Someren-Eind ligt vlak bij de Zuid-Willemsvaart, niet ver van Sluis
12. Bij Sluis 13, aan de grens met Limburg, ligt een buurtschap van
dezelfde naam.
Het toponiem 'eind' komt veelvuldig voor in Noord-Brabant en betekent
'de laatste hoeve van'. De benaming 'Eynde-Schoot', die de voorloper
van Someren-Eind aanduidde, is eeuwenoud. Het huidige kerkdorp is ontstaan
door ontginningsactiviteiten in de Vale Peel, die plaatsvonden in de
tweede helft van de 19e eeuw. Deze geschiedden door particuliere ondernemingen
zoals de Hollandse Griendtsveen Maatschappij. Later verlegde deze maatschappij
haar werkterrein naar Schotland en Engeland, waar ook Somerense vaklieden
heen werden gezonden.
Tegenwoordig is, naast de landbouw, ook de industrie
een belangrijke activiteit: langs de Zuid-Willemsvaart ligt een bedrijventerrein.
De
zelfstandige parochie Someren-Eind werd opgericht in 1878, toen Someren-Eind
een eigen pastoor kreeg. Op de kerk is de tekst: 'Laus
tua finisterrae finisterrae adorabunte' aangebracht. Finisterra (einde
van de wereld) is de wat wijdlopige naam voor een buurtschap op 2 km
afstand. De parochiekerk werd gewijd aan Sint-Lambertus.
De buurtschap
telde enkele cafés maar nog geen winkel. Deze
werd opgericht als clubwinkel. De baten zouden naar een op te richten
fanfare gaan, maar het is uiteindelijk een schuttersgilde geworden:
Het Sint-Lambertusgilde werd in 1895 opgericht. De gildenbroeders richtten
in 1995 de Lambertuskapel op, waarin zich een bronzen Lambertusbeeld
bevindt. De kapel is gelegen aan de Brugstraat, ten noorden van Someren-Eind.
Ze is gebouwd door de leden van de schutterij, vaak met tweedehands
onderdelen. Een bronzen beeld van een vendelzwaaier staat sinds 1998
voor de kapel.
Een andere kapel is de Sint-Jozefkapel. Deze is in 1950
gebouwd uit dank voor een genezen kind. Deze kapel bevindt zich aan
de Boerenkamplaan.
Een monumentje aan de Nieuwendijk dat een kruiwagen
met turf voorstelt, herinnert aan de activiteit van de voormalige Peelwerkers.