Volgens
een informatiepaneel nabij Bovenkerk van de Stichting 'Oud Aalsmeer'
werd 't Schipholl voor het eerst in 1447 genoemd: "Vier maden
lands liggende in de Aelsmerbanne in Schipholl". Betekenis:
Laaggelegen land waar takken werden gesneden (Scip = afgesneden tak).
't Schipholl bestond en bestaat uit de Kleine Poel, het Zwarte Pad,
het oeverlanden reservaat en het poldertje van Sloothaak met stadskwekerij.
Het gebied behoort waterstaatkundig tot de Buitendijkse Buitenveldertse
polder. Na de noordelijke grenssloot, het voormalige fort en het
militaire vliegveld siert nu de nationale luchthaven zich met de
naam van dit gebiedje aan de noordoostelijke grens van Aalsmeer:
Schiphol. Die naam is dus in de loop der eeuwen enkele kilometers
naar het westen verschoven.